Onderstaande informatie is aangeleverd door Garage2020 zelf.
De Feelee-app is zowel op klinische haalbaarheid als effectiviteit geëvalueerd. Uit beide evaluaties blijkt dat Feelee als waardevol wordt ervaren en goed inpasbaar is in de behandeling. De app is laagdrempelig inzetbaar en sluit aan bij de belevingswereld van jongeren. Voor jongeren biedt het een prettig overzicht en een geheugensteun om emoties van de afgelopen week terug te halen in het behandelgesprek. Voor hulpverleners biedt het meer inzicht in hoe het de rest van de week, buiten de sessies, met een jongere gaat. De inzichten uit de app dragen eraan bij dat je sneller en gerichter in de sessie aan de slag kunt.
Tegelijkertijd is er, zoals bij elke nieuwe toepassing, ook ruimte voor verbetering. Zo deed de passieve data (ook wel de gegevens over slaap- en stappen) het niet altijd bij de deelnemers. Ook merkten hulpverleners dat het gebruik na verloop van tijd, doorgaans na twee weken, afnam. Zij benadrukten daarom het belang van het koppelen van de app aan een concreet behandeldoel, zodat jongeren gemotiveerd blijven om Feelee doelgericht in te zetten. Uit de klinische evaluatie bleek daarnaast dat de Feelee-data niet altijd actief werd besproken in sessies, of dat er slechts kort aandacht aan werd besteed. Dit terwijl het samen bekijken en reflecteren juist een belangrijk onderdeel vormt van het duiden van emoties.
In een nieuw project wordt hier meer aandacht aan besteed en wordt tevens de verdere implementatie onderzocht.
De belangrijkste inzichten
De wetenschappelijke resultaten over de eerste klinische haalbaarheid
En de wetenschappelijke publicatie van de klinische evaluatie
De effecten van Feelee als aanvulling op bestaande behandeling zijn recent onderzocht in een klinische effectiviteitsstudie. De resultaten laten zien dat jongeren bij gebruik van de app emoties significant beter gingen herkennen. Dit effect was echter wel tijdelijk; nadat jongeren stopten met de app, nam het effect ook weer af. De winst in emotieherkenning lijkt dus direct samen te hangen met de actieve ondersteuning die de Feelee-app biedt.
Opvallend is dat jongeren tegelijkertijd aangaven minder bezig te zijn met reflecteren op emoties. Mogelijk waren jongeren wel in de app zelf bezig met reflecteren, maar daarbuiten niet bewust bezig met reflectie waardoor ze dat ook zo in de vragenlijst aangaven. Ook op het managen van emoties werden beperkte resultaten gevonden. Dit lijkt sterk per persoon te verschillen en hangt mogelijk samen met de mate waarin de Feelee-data actief werd besproken in de sessies, iets wat in de praktijk nogal varieerde.
Positiever is het beeld op de langere termijn: het emotioneel bewustzijn nam gedurende het gebruik toe. Ook de therapeutische relatie groeide na verloop van tijd. Daarover werd in de interviews aangegeven dat de Feelee-app bijdraagt aan het ontwikkelen van een gezamenlijke taal om over emoties en gedrag in gesprek te gaan. De motivatie voor behandeling bleef gedurende de gehele periode stabiel, wat voor deze doelgroep een relevant gegeven is.